Burgerschap.
Burgerschap.
In het voorjaar van 2008 stelde de overheid vast dat elke school een visie op burgerschap en sociale integratie moet verwoorden.
Wij vinden het een taak van de school om de leerlingen (mede) op te voeden tot:
1. evenwichtige
2. fatsoenlijke
3. democratische
4. participerende
5. coöperatieve
6. algemeen ontwikkelde burgers van de Nederlandse samenleving, omdat
> dit voortkomt vanuit onze identiteit
> we vinden dat dit een verlengstuk dient te zijn van de opvoeding thuis
> we de kinderen 24 uur in de week onder onze hoede hebben
> we dit ook als tegenwicht zien voor negatieve maatschappelijke
ontwikkelingen
> we beseffen, dat we er als leraren toe doen: we geven het goede
voorbeeld
> we vinden dat onderwijs ‘breed’ moet zijn: ook gericht op vorming van de
persoonlijkheid
> we de leerlingen zo willen ontwikkelen dat ze (later) goed functioneren in
de maatschappij
> we betrokkenheid op de samenleving belangrijk vinden
> we het belangrijk vinden dat leerlingen goed (respectvol) met anderen
kunnen omgaan
> we het belangrijk vinden dat leerlingen oog en oor (zorg) hebben voor
anderen
> we het belangrijk vinden dat leerlingen hun mening op een goede wijze
kunnen vertolken
> we het woord “samen” een kernbegrip vinden
> we de verantwoordelijkheid voor mens en natuur (omgeving) van belang
achten
> we vinden dat kennis van (het) andere(n) leidt tot begrip voor (het)
andere(n)
Onze doelen.
1. We leren de kinderen door middel van positief opgestelde regels respectvol
om te gaan met de andere kinderen en volwassenen
2. We voeden de kinderen op tot goed actief functioneren in onze
samenleving in samenwerking met anderen.
3. Kinderen ontwikkelen zich tot volwaardige leden van onze democratische
samenleving.
4. Kinderen verwerven kennis ten opzichte andere religies en leren
andersdenkenden te respecteren.
5. We richten ons ook op algemene ontwikkeling. We geven onze leerlingen
(culturele) bagage mee “voor het leven”. ![]()